Dit boek is geen geschiedenisboek in klassieke zin. Het verhaal van de Zuid-Molukkers is een gelaagd verhaal: van oorlog en ballingschap, van politieke beloftes en verraad, van collectieve trots en collectieve schaamte, en bovenal van een zwijgend, intergenerationeel trauma.
Het lot van de Zuid-Molukkers is geen afgesloten hoofdstuk uit de naoorlogse geschiedenis is, maar een doorlopende werkelijkheid. De tijdelijke overbrenging van ongeveer 12.500 Zuid-Molukkers naar Nederland in 1951 eindigde in psychologische, sociale of morele zin nooit. Dit werk introduceert en onderbouwt het begrip Zuid-Moluks kampsyndroom.
Een totaalervaring: een langdurige staat van ontworteling, isolement, ontmenselijking en woordeloos lijden. De Zuid-Molukse gemeenschap verbannen naar de andere kant van de wereld vanwege de RMS-oorlog in hun thuisland. Nederland, een politiek strafkamp.