Fenna is vijftien jaar weggebleven. Nu staat ze weer op de kiezels voor het ouderlijk huis, met haar zoon Mika naast zich, die de familie waar hij vandaan komt nauwelijks kent. Boven de deur hangt nog het bord waar het huis zijn naam aan dankt: Tolkantoor. Binnen wacht haar broer Geert, die is gebleven, die alles heeft volgehouden, die het huis heeft schoongehouden en de vader heeft gewassen die zij achterliet. Er ligt een kist op schragen, er staan borden klaar voor te veel mensen, en er is een oude vriend van de overleden vader die 's nachts buiten sigaretten rookt bij de restanten van een slagboom die hier ooit de grens markeerde. Mika, die niets weet, stelt de vragen die niemand nog durft te stellen. Foto's komen uit een trommel, enveloppen worden genoemd die niemand mocht zien, en onder de koffie en de jenever ligt een dag waarop precies moet worden uitgezocht wie hier wat heeft geweten — en wie ervoor heeft gekozen om te zwijgen.Dit boek is door AI gegenereerd.