De debuutroman van dr. Dimitar Ruskov, "Vier meter onder water",
is het resultaat van de diepgaande spirituele zoektochten
van de auteur, verrijkt door zijn twintigjarige ervaring met
het leven van immigranten. Aan de hand van het lot van de drie
hoofdpersonages volgt de roman de verschillende fasen van hun
integratie – een proces waarin de zoektocht naar persoonlijk
geluk onvermijdelijk vragen oproept zoals: "Waarom zijn zij
beter dan wij?", "Hoe kan ik zoals zij worden?" en
"Had ik moeten emigreren om mijn dromen waar te maken?".
Hoewel het verhaal zich voornamelijk richt op Bulgaarse personages,
zijn de behandelde thema’s universeel: liefde, jaloezie, vriendschap,
geloof, zonde, vergeving, en integratie als sleutel tot
het denkbeeldige geluk – datgene waar elk personage volhardend
naar streeft. Ruskov combineert scherpzinnigheid met empathie,
en creëert een werk dat spreekt over zowel het individuele
als het collectieve lot van de mens in de moderne wereld.